Het circuit

Clarence vroeg aan Marcel om via Otto te achterhalen of Gwen een hekel aan hem had. Marcel zei dat Otto het niet honderd procent zeker wist maar van Gregory had gehoord dat Imke en Femme een keer, tijdens gym, iets hadden gezegd over Gwen en dat Clarence’ naam toen ook was gevallen. ‘Godkolere, ik wist het!’, riep Clarence. Hij ging op hoge poten naar Femme (Imke was bij de orthodontist) en eiste dat zij tegen Gwen zou zeggen dat hij van Marcel had gehoord dat het uit was. Femme haalde haar schouders op en liet haar roze kauwgom luid ploppen. … Lees verder Het circuit

Musketiers

Het was een ronduit wanstaltig gezelschap. Zag je ze niet alle vier bij elkaar in een café, geanimeerd in gesprek boven warm kaarslicht of verdiept in een kaartspel, dan wel in subgroepjes: twee van hen aan het lunchen bij dat nieuwe tentje in de stad, drie van hen bij de fitnessstudio en dan even later, weer compleet, in de rij voor de bioscoop aan de grote weg. Het comfort van de vriendschap maakte hen lui. Ze werden dikker en dikker en dikker van de liters warme chocolademelk, de vrachtwagens vol Vedettbier en de schoteltjes met bitterballen. ‘Met wie ga je … Lees verder Musketiers

Bert

‘Ik wil een vriend of vriendin’, zei Bert, ‘bij wie ik in de rokken kan schuilen en uit kan huilen en die een kruikje voor me maakt als het koud is.’ ‘Jij wilt geen vriend,’ zei ik, ‘jij wilt een moeder.’ ‘Ik heb al een moeder’, zei Bert. ‘Én je wilt er één’, zei ik. ‘Ik wil een vriend of vriendin’, zei Bert, ‘die het niet erg vindt dat ik vieze moppen vertel en mijn nagels in de woonkamer knip, en die houdt van mijn verse pasta.’ ‘Dat moet lukken’, zei ik en wenkte een meisje dat even verderop stond … Lees verder Bert

Het orgel dat geen vrienden had

Een soort nawee van de Boekenweek. Dit jaar met het thema ‘vriendschap en andere ongemakken’. Het orgel dat geen vrienden had vond de dagen nogal eentonig. Zijn toetsen blonken weliswaar en soms barstte hij, als hij een oude aflevering van Friends terugzag op tv, in lachen uit. Maar als de dag ten einde kwam, hij door het huis slofte, tegen de ruit ademde, leek het zo stil. En buiten zaten de andere orgels op het terras. Het was nog warm van de lentezon. Kleine melodietjes waren te horen door heel de stad. Alleen als de kerkklok sloeg hield iedereen eerbiedig … Lees verder Het orgel dat geen vrienden had

Carla en Ramona

Dit stukje is opgemaakt als een gedicht, maar laat je daardoor niet bedotten. Het is gewoon een verhaaltje. Ramona had dikke bovenbenen. Carla vond dat geen probleem. Ze nam Ramona op schoot en wiegde haar en wiegde haar totdat ze daarvan kramp in haar eigen benen kreeg. Ramona huilde veel. De tranen liepen in smalle stroompjes over haar gezicht. Met haar tong likte ze het snot uit het gootje in haar bovenlip. En Carla had papieren zakdoekjes die ze staand op een stoel één voor één omlaag liet dwarrelen. Tot de vloer ermee bedekt was. Met Ramona aan de wijn. … Lees verder Carla en Ramona

Hugo en Dora

Hugo en Dora zijn de laatste tijd naar elkaar toe gegroeid. Dat mogen we heel letterlijk nemen. Daar staat Dora in de slaapkamer te wankelen op één been om een spijkerbroek aan te trekken. Ze grijpt zich vast aan de strijkplank; zo snel als ze haar evenwicht verliest, vindt zij het ook weer. Hugo ziet Dora wankelen via de badkamerspiegel die eventjes een achteruitkijkspiegel wordt. Hugo schakelt rechtstreeks van z’n één in z’n vier: hij heeft vaak een aanloop nodig, maar dat komt zijn prestaties dan ook ten goede, vindt hij. Hij vestigt zijn blik weer op het heden en … Lees verder Hugo en Dora

De bril

De stad weerspiegelt in Muriël’s potten van brillenglazen. Of zij altijd zo schaapachtig uit haar ogen kijkt. Of zij altijd fluimen van de brug spuugt. Sinds ik me kan heugen word ik ongemakkelijk van brillen. De grote monturen vind ik erger dan de kleine. Evengoed geldt voor alle brillen dat ze de ogen op een onaangename manier omkaderen en de grootte ervan uit proportie brengen. In de bril die Muriël draagt springen de ogen naar voren: als domme clowns uit kartonnen doosjes. Haar oogwit is geel en rode adertjes lopen er als riviertjes doorheen, door dat bolle, gladde kikkerlandschap. Wij … Lees verder De bril