De koffer

Zij. Zij vindt het tijd worden dat ze elkaar ontmoeten. Dat heeft ze heel puntig geformuleerd in haar laatste brief. Om voor de dwingende toon te compenseren heeft ze om zijn naam [in het briefhoofd en ergens halverwege] en om haar naam [onderaan de vierde pagina] kussen geplakt. Met haar eigen lippen. Hij heeft ooit iets soortgelijks gedaan. Hij. De brief heeft ongeopend in de vensterbank gelegen, en een poosje op de verwarming. Ten slotte heeft hij hem geopend, met één hand. Met de andere smeerde hij een boterham. Het leven is een spel dat je moet spelen, vindt hij. … Lees verder De koffer